De Paleo (of paleolitische) levensstijl is afgeleid van het Paleolithicum, ofwel de oude steentijd. Daarom staat het ook wel bekend als het ‘holbewonerdieet’. Het komt in feite neer op ‘eten wat de natuur je biedt’, zoals onze verre voorouders dat ook deden. Voedingsmiddelen die bewerkt moesten worden voor men ze kon eten, aten ze simpelweg niet. Brood groeit immers niet aan een boom, koeien waren in die tijd nog niet zo makkelijk te melken en suiker was alleen af en toe in de vorm van honing beschikbaar.
Schade aan het lichaam
Verse vis, onbewerkte noten, wilde vruchten, kokosolie, olijfolie en dierlijke vetten passen om die reden dus juist wel bij Paleo. Vlees past ook in het Paleo-menu, maar dan wel van dieren die hun natuurlijke voeding hebben gegeten en voldoende beweging hebben gehad. Volgens Paleo-volgers is veel modern en bewerkte voeding niet geschikt voor onze genen en stofwisseling, en kan grote schade aanrichten in ons lichaam.
Ziektes als obesitas, type 2-diabetes, hypertensie, hart- en vaatziekten, auto-immuunziekten, osteoporose en Alzheimer zijn volgens de Paleo-leer dan ook ontstaan als gevolg van moderne eetgewoonten.